FAQ

Heb je nog vragen over het sectoraal pensioenstelsel?  Ongetwijfeld vind je de antwoorden terug in de FAQ's.

Wat is het doel van het sociaal sectoraal pensioenstelsel voor de sector van de elektriciens?

Het sociaal sectoraal pensioenstelsel voorziet in een aanvullend pensioen boven op het normale wettelijke pensioen voor alle arbeiders uit de sector van de elektriciens (paritair subcomité 149.01). Dit is een kapitaal dat éénmalig wordt uitbetaald op het moment dat de arbeider met pensioen gaat.

Het wettelijk pensioen is in veel gevallen onvoldoende om dezelfde levensstandaard als voor de pensionering te behouden. Een aanvullend pensioen kan daarom helpen om de levensstandaard op peil te houden. Daarnaast kan men nog aan pensioensparen doen of een individuele levensverzekering aangaan. 

Wie betaalt de bijdragen voor het aanvullend pensioen?

Jaarlijks betaalt de werkgever een bijdrage van de bruto jaarbezoldiging. Vanaf 01/01/2016 is dit een bijdrage van 2,10%. De arbeider draagt persoonlijk niets bij.

Van deze bijdrage wordt:

  • 95,5% aangewend voor de opbouw van het aanvullend pensioen;
  • 4,5% aangewend voor solidariteitstoezegging.

 

Hoeveel bedraagt het aanvullend pensioen?

Het bedrag is gelijk aan de som van de jaarlijkse netto werkgeversbijdragen, aangevuld met een eventuele solidariteitsdekking, een eventuele winstdeelname en verhoogd met een rendement.

 

01/01/2002

01/01/2006

01/07/2006

01/01/2008

01/01/2012

01/07/2014

01/01/2016

Bijdrage

1%

1,30%

1,36%

1,46%

1,70%

1,80%

2,1%

Rentevoet

3,25%

3,25%

3,25%

3,35%

3,35%

2,25%

0,50% 

Wie wordt er bij het sociaal sectoraal pensioenstelsel aangesloten?

De voordelen voorzien in het sociaal sectoraal pensioenstelsel zijn bestemd voor elke arbeider die vanaf 1 januari 2002, minimum 12 maanden (261 dagen) - al dan niet onderbroken – bij het sectoraal pensioenstelsel is aangesloten (geweest). Voor een deeltijdse arbeider geldt een aansluitingstermijn van 131 dagen. De aansluiting gebeurt automatisch, hiervoor hoeft men niets te doen.

 

Wie is niet aangesloten?

  • Personen tewerkgesteld i.k.v. studentenarbeid
  • Personen tewerkgesteld i.k.v. uitzendarbeid
  • Leerlingen
  • Personen die na 01/01/2016 met vervroegd of wettelijk pensioen zijn gegaan maar als gepensioneerde opnieuw tewerkgesteld worden binnen PsC 149.01

Wanneer kan ik mijn aanvullend pensioen opvragen?

Situatie voor 01/01/2016

Een uitbetaling is pas mogelijk wanneer de prestaties effectief worden stopgezet. Je hebt de keuze om het aanvullend pensioen uitbetaald te krijgen in de vorm van een eenmalig kapitaal of in de vorm van een maandelijkse levenslange rente.
Om het aanvullend pensioen uitbetaald te krijgen in rente moet de bruto jaarrente meer dan € 500 (geïndexeerd) bedragen.

Het aanvullend pensioen kan worden uitbetaald vanaf de eerste dag van de maand volgend op de dag dat je met wettelijk pensioen gaat (65 jaar) of wanneer je met vervroegd pensioen gaat (ten vroegste vanaf 60 jaar). Voor deze pensioenleeftijd kan er geen pensioenkapitaal worden uitbetaald.

Is men voor 01/01/2016 met (vervroegd) pensioen gegaan maar levert men na deze datum nog toegelaten prestaties, dan kan het aanvullend pensioen pas worden uitbetaald op het ogenblik van de effectieve stopzetting van deze prestaties. In dit geval wordt het aanvullend pensioen dan ook verder opgebouwd.

 

Situatie na 01/01/2016

Het aanvullend pensioen wordt uitbetaald bij pensionering van de arbeider, dit is de (vervroegde) wettelijke pensionering of het ogenblik waarop de arbeider met SWT gaat.

Het is dus niet mogelijk:

  • Het aanvullend pensioen op te nemen vóór de ingang van het (vervroegde) wettelijke pensioen.
  • De opname van het aanvullend pensioen uit te stellen nadat men al met pensioen is gegaan.

Enkel wanneer men in dienst blijft na het bereiken van de wettelijke pensioenleeftijd zonder de opname van het wettelijke pensioen, blijft men aangesloten bij het pensioenplan en wordt het aanvullend pensioen verder opgebouwd.

Levert men na het bereiken van de wettelijke pensioenleeftijd en opname van het wettelijk pensioen nog toegelaten prestaties in onze sector, dan is er geen verdere opbouw mogelijk.

Hoe moet ik het aanvullend pensioen opvragen?

Je vult het formulier “Aanvraag tot betaling van het aanvullend pensioen” in en zendt het (samen met de gevraagde bijlagen) naar het FBZ. Ongeveer een maand later betaalt AXA het nettopensioenkapitaal uit. AXA bezorgt je ter informatie een duidelijke berekening van het nettopensioenkapitaal, met vermelding van de fiscale en parafiscale afhoudingen.

Welke (para-)fiscale bedragen heft men op het aanvullend pensioen

Voor een uitkering in kapitaal: 

  • een RIZIV-bijdrage van 3,55% (op het totale kapitaal en de winstdeelnames);
  • een solidariteitsbijdrage die varieert van 0% tot 2%, afhankelijk van de hoogte van het pensioenkapitaal;
  • een bedrijfsvoorheffing (16,5% of 10%*) in de personenbelasting na afhouding van de RIZIV-bijdrage en de solidariteitsbijdrage;
  • de winstdeling wordt in de personenbelasting niet belast.

Voor de aangifte van de personenbelasting ontvang je het jaar volgend op de uitbetaling van het aanvullend pensioen, een fiscale fiche 281.11. Afhankelijk van de gemeente waarin je woont, zal nog een bijkomende minieme gemeentebelasting verschuldigd zijn. 

(*) Het verlaagde tarief van 10% is enkel van toepassing indien je de laatste 3 jaren voor de pensionering onafgebroken gewerkt hebt en dus actief bent gebleven tot aan de wettelijke pensioenleeftijd van 65 jaar.

Er wordt dus +/- 20% afgehouden van het pensioenkapitaal. 

Wanneer ontvangt ik de jaarlijkse pensioenfiche?

Zolang je in dienst bent in de sector van de elektriciens, krijg je één maal per jaar een pensioenfiche met daarop de stand van de opgebouwde aanvullende pensioenrechten. Deze gegevens zijn ook online beschikbaar via www.mypension.be en kunnen 24/24 en 7/7 geraadpleegd worden. 

Op de fiche die je vanuit de sector ontvangt, staat een individueel rekeningnummer beginnend met “213”, dit is het polisnummer. Dit wordt gevraagd indien je je wenst te registreren op onze website (bv. voor de ingave van een rekeningnummer voor jouw eindejaarspremie).

Aangeslotenen die de sector verlaten hebben, kunnen hun opgebouwd spaartegoed raadplegen via www.mypension.be maar ontvangen geen jaarlijkse pensioenfiche meer.

Wat staat er op de nieuwe pensioenfiche?

Sinds eind 2016 kunnen alle burgers de gegevens over hun aanvullend pensioen raadplegen via de website www.mypension.be. De online gegevens zullen steeds betrekking hebben op de situatie op 1 januari van het desbetreffende jaar. Opdat die gegevens zouden overeenstemmen met de jaarlijkse pensioenfiche van de sector van de elektriciens, is de pensioeninstelling wettelijk verplicht om een uniforme pensioenfiche uit te geven met situatie op 1 januari en niet meer op 1 augustus zoals vroeger het geval was. 

Niet enkel de lay-out, maar ook de terminologie van de pensioenfiche werd gewijzigd. 

DEEL I: 

  • Geraamd pensioenkapitaal op de pensioenleeftijd: dit is een schatting van je opgebouwd spaartegoed, in de veronderstelling dat je blijft verder werken in de sector op basis van de huidige gegevens (dit is bv. je loon) tot aan de pensioenleeftijd. Deze raming is enkel informatief en kan verschillen van het bedrag dat je op het ogenblik van je pensionering in werkelijkheid zal krijgen. 
  • Aanvullend pensioenkapitaal op de pensioenleeftijd: dit is een schatting van je opgebouwd spaartegoed, in de veronderstelling dat er geen verdere premie-opbouw is maar dat je het spaartegoed laat staan bij de pensioeninstelling tot op het ogenblik dat je met pensioen gaat. Bij deze berekening wordt enkel gekeken naar je huidig opgebouwd spaartegoed, zonder rekening te houden met de mogelijkheid dat je verder blijft aangesloten in de sector en het spaartegoed verder zou worden opgebouwd. Ook deze raming is enkel informatief en kan verschillen van het bedrag dat je op het ogenblik van je pensionering in werkelijkheid zal krijgen. 
  • Verworven reserves: dit zijn de totale pensioenreserves die je al hebt opgebouwd in dit pensioenplan. Deze reserves kunnen nog evolueren tot aan je pensionering. 
  • Het deel gefinancierd door de inrichter: het pensioenreglement bepaalt dat je werkgever zorgt voor de opbouw van jouw aanvullend pensioen
  • Het deel gefinancierd door je persoonlijke bijdragen: het pensioenreglement bepaalt dat er geen persoonlijke bijdragen zijn, het aanvullend pensioen wordt enkel opgebouwd op basis van de verplichte bijdragen van je werkgever
  • Minimumbedrag voortvloeiend uit de wettelijke rendementswaarborg: dit is het bedrag dat tot op vandaag voor jou werd opgebouwd. Om het beleggingsrisico voor de aangeslotenen te beperken, heeft de wet een minimale rendementsgarantie ingevoerd. De wet legt aan de inrichter de verplichting op om ervoor te zorgen dat de werknemers bij hun pensionering of bij de overdracht van hun reserves na uitdiensttreding minstens de gestorte bijdragen terugkrijgen, gekapitaliseerd aan een wettelijk vastgestelde rentevoet. 
  • Overlijdenskapitaal: dit is het bedrag dat aan je begunstigden wordt uitbetaald in geval van overlijden
  • Wezenrente in geval van overlijden: dit is niet van toepassing op de aangeslotenen in het sectoraal pensioenplan van de elektriciens.
  • Aanvullend kapitaal in geval van overlijden door ongeval: dit is niet van toepassing op de aangeslotenen in het sectoraal pensioenplan van de elektriciens.

DEEL II:

  • Financieringsniveau: deze informatie geeft aan of je aanvullende pensioenrechten volledig gefinancierd zijn.
  • Verworven reserves: dit is het bedrag van de verworven reserves van vorig jaar

Meer info? Raadpleeg het infofilmpje.

Wat als ik de sector verlaat?

Indien je de sector van de elektriciens hebt verlaten en ervoor kiest de verworven reserves te behouden in het pensioenplan van de sector, dan ontvang je de wettelijke pensioenfiche niet meer per post. De pensioenrechten kunnen voortaan geraadpleegd worden op www.mypension.be

Bij uittreding is een uitbetaling van de voordelen niet mogelijk voor het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd.

Je bent uitgetreden wanneer er geen nieuwe arbeidsovereenkomst wordt afgesloten, wanneer je als zelfstandige werkt of bij een werkgever in een andere sector bent tewerkgesteld. In dit laatste geval bestaat de mogelijkheid om het opgebouwd saldo over te dragen naar het pensioenspaarplan van de nieuwe werkgever. Een overdracht naar een privé pensioenspaarrekening is niet mogelijk, de arbeider (of zelfstandige werknemer) kan zelf niets bijdragen.

Wanneer je na je uittreding opnieuw tewerkgesteld wordt bij een werkgever uit de sector, word je beschouwd als nieuwe aangeslotene en wordt een nieuw individueel rekeningnummer (polisnummer) toegekend.

Wat is een onthaalstructuur?

Indien je bij je vorige werkgever reeds een pensioenspaarrekening had, kan je het opgebouwde pensioenkapitaal overdragen naar het pensioenplan van de elektriciens. Reserves die ontvangen worden van contracten van aangeslotenen bij een vorige werkgever, worden ondergebracht in een onthaalstructuur. Je (de aangeslotene) mag het document voor de transfert van reserves naar onze sector opvragen bij de Helpdesk en deze aan de pensioeninstelling bezorgen die je dossier voordien beheerde. De technische gegevens m.b.t. het plan worden door de vorige pensioeninstelling overgemaakt aan de hand van dit gehandtekend document en bezorgd aan de Helpdesk die deze verder overmaakt aan de verzekeringsmaatschappij.

Hoe zit het met solidariteit?

De sociale partners hebben ook gezorgd voor een tegemoetkoming aan een aantal onvoorzienbare risico’s die tijdens de loopbaan kunnen plaatsvinden. Hiertoe werd een apart Fonds voor Bestaanszekerheid voor de solidariteitstoezegging van het sociaal sectoraal pensioenstelsel opgericht (FBZ-SSPE). Het gaat hier meer bepaald om de volgende risico’s:

  • indien men komt te overlijden voor men met pensioen gaat, voorziet het FBZ-SSPE een extra tegemoetkoming voor de rechthebbende(n) van € 1.500;
  • in geval van arbeidsongeschiktheid door ziekte/ongeval of gedurende periodes van tijdelijke werkloosheid wordt je aanvullend pensioen verder opgebouwd (sinds 2004 à rato van € 0,30 per gelijkgestelde dag ziekte/werkloosheid, sinds 2006 à rato van € 0,50 per dag, sinds 2011 van € 0,80 en sinds 2012 van € 1,00 per gelijkgestelde dag ziekte/werkloosheid), zodat je ook hier geen verlies hebt.

De modaliteiten hiervoor worden ook bepaald in een afzonderlijke collectieve arbeidsovereenkomst inzake solidariteit en het daarbij horende solidariteitsreglement.

De sociale partners hebben beslist de dagen arbeidsongeschiktheid wegens arbeidsongeval en beroepsziekte eveneens te vergoeden in het kader van de solidariteitstoezegging.

Wat in geval van overlijden?

Kom je te overlijden vooraleer je met pensioen gaat, dan wordt het pensioenkapitaal (eventueel verhoogd met het aanvullend overlijdenskapitaal van € 1.500) uitbetaald aan de begunstigde(n):

  • echtgeno(o)t(e) of wettelijk samenwonende partner van de aangeslotene voor zover niet gerechtelijk van tafel en bed of feitelijk gescheiden
  • als die er niet is, de persoon of personen aangeduid op het formulier “aanduiding van begunstigde”
  • als die er niet is, de kinderen van de aangeslotene
  • als die er niet zijn, de ouders van de aangeslotene
  • als die er niet zijn, de grootouders van de aangeslotene
  • als die er niet zijn, de broers of zussen van de aangeslotene
  • als die er niet zijn, de Staat
  • het financieringsfonds van de sector

Kan ik zelf iemand aanduiden als begunstigde?

Dit kan aan de hand van het formulier “aanduiding van begunstigde” dat je terugvindt op de website en aangetekend aan de verzekeringsmaatschappij bezorgt.

Wat als de erfenis verworpen wordt, bv bij hoge schulden?

Het aanvaarden van de prestaties bij overlijden die uitbetaald worden in het kader van het sociaal sectoraal pensioenstelsel, houdt geen aanvaarding in van de nalatenschap van de persoon die aangesloten was bij dit sociaal sectoraal pensioenstelsel. 

Welke (para-)fiscale bedragen heft men op het overlijdenskapitaal?

Voor een uitkering in kapitaal: 

  • een RIZIV-bijdrage van 3,55% (op het totale kapitaal en de winstdeelnames);
  • een solidariteitsbijdrage die varieert van 0% tot 2%, afhankelijk van de hoogte van het pensioenkapitaal;
  • een bedrijfsvoorheffing (16,5% of 10%*) in de personenbelasting na afhouding van de RIZIV-bijdrage en de solidariteitsbijdrage;
  • de winstdeling wordt in de personenbelasting niet belast.

Voor de aangifte van de personenbelasting ontvang je het jaar volgend op de uitbetaling van het aanvullend pensioen, een fiscale fiche 281.11. Afhankelijk van de gemeente waarin je woont, zal nog een bijkomende minieme gemeentebelasting verschuldigd zijn. 

(*) Het verlaagde tarief van 10% is enkel van toepassing indien je de laatste 3 jaren voor de pensionering onafgebroken gewerkt hebt en dus actief bent gebleven tot aan de wettelijke pensioenleeftijd van 65 jaar.

Er wordt dus +/- 20% afgehouden van het pensioenkapitaal. 

Indien het kapitaal bij overlijden uitgekeerd wordt aan de echtgeno(o)t(e) of een kind dat jonger is dan 21 jaar, moeten er geen successierechten op betaald worden.

Wat is de impact van de corona-crisis op mijn aanvullend pensioen?

In het sectoraal pensioenplan is reeds sinds jaren voorzien dat de arbeiders binnen PSC 149.01 verder genieten van de overlijdensdekking en verder pensioenrechten opbouwen in het sectorplan tijdens periodes van tijdelijke werkloosheid wegens economische redenen en omwille van overmacht. Dit laatste gebeurt op basis van een forfait van 1 EUR per dag tijdelijke werkloosheid.