Technologie & reglementering

Het AREI - opletten met volumes in badkamers

figuren

Opletten met de grenzen van de volumes in badkamers bij aanwezigheid van vaste wanden nabij het bad of het stortbad.

Naar aanleiding van problemen bij keuringen voor indienstname waarvan melding is gemaakt, is het belangrijk om rekening te houden met het volgende bij installaties in badkamers.
 
De volumes worden beneden begrensd door de vloer en boven door een horizontaal vlak op 2,25 m van de vloer. Als de bodem van de kuip zich op meer dan 0,15 m boven de vloer bevindt, moet de 2,25 m gemeten worden vanaf de bodem van de kuip in plaats van vanaf de vloer.
 
In het AREI in art 86 10. Badkamers staan volgende figuren ter bepaling van de volumegrenzen bij aanwezigheid van een vaste wand nabij het bad of het stortbad in het horizontale vlak.

In de bijgevoegde figuren is te zien dat in het horizontale vlak in geval van een vaste wand gewerkt wordt met een koorde die het volume in een boog om de zijkant van de wand beperkt in overeenstemming met de figuren ter bepaling van het genaakbaarheidsgabarit in art 28 van het AREI.
 
Het GTO, zijnde het Gemeenschappelijk Technisch Orgaan van de erkende controleorganismen, heeft als standpunt ingenomen dat in het verticale vlak in geval van een vaste wand die lager is dan het bovenvlak van het volume (2,25 m) niet met een koorde gewerkt mag worden die het volume in een boog om de bovenrand van de wand beperkt. Een wand die lager is dan 2,25 m wordt beschouwd als zijnde niet aanwezig.
Het is heel belangrijk voor de installateur om hiermee rekening te houden bij het plaatsen van toestellen in de badkamer.
 
Als in de onderste figuur met de stortbadkuip zonder kuip met vaste wand deze wand 2,25 m hoog is, dan mag volgens het standpunt van het GTO op de plaats van het rode kruisje, zijnde in volume 3, LS-materieel met IPX1 en een stopcontact met IPXX (geen bijkomende eisen met betrekking tot de beschermingsgraad waarvan de minimale waarde al door andere artikels in het AREI is opgelegd) geplaatst worden, weliswaar achter de bijkomende automatische differentieelstroominrichting van 30 mA.

Als in diezelfde onderste figuur de wand minder dan 2,25 m hoog is, dan mag volgens het standpunt van het GTO op de plaats van het rode kruisje, zijnde in volume 2, LS-materieel met IPX4 en een stopcontact met IPXX (geen bijkomende eisen met betrekking tot de beschermingsgraad waarvan de minimale waarde al door andere artikels in het AREI is opgelegd) geplaatst worden, weliswaar achter de bijkomende automatische differentieelstroominrichting van 30 mA.
 
Als in diezelfde onderste figuur de wand minder dan 2,25 m hoog is en daarenboven zich op minder dan 0,6 m van de sproeikop bevindt, dan mag volgens het standpunt van het GTO op de plaats van het rode kruisje, zijnde in volume 1, LS-materieel gevoed op ZLVS (grenswaarden zie tabel onder d)) en een vast opgesteld op LS gevoed toestel voor de productie van sanitair warm water geplaatst worden, weliswaar achter de bijkomende automatische differentieelstroominrichting van 30 mA. Een stopcontact op LS wordt niet toegelaten in volume 1.
 
Als je nog vragen hebt, neem dan contact op met Danny Hermans van Volta, danny.hermans@volta-org.be