FAQ

Wie is aangesloten?

De voordelen voorzien in het sociaal sectoraal pensioenstelsel zijn bestemd voor elke arbeider die vanaf 1 januari 2002, minimum 12 maanden (261 dagen) - al dan niet onderbroken – bij het sectoraal pensioenstelsel is aangesloten (geweest). Voor een deeltijdse arbeider geldt een aansluitingstermijn van 131 dagen. De aansluiting gebeurt automatisch, hiervoor hoeft men niets te doen. 

Wanneer gebeurt de uitbetaling ?

Een uitbetaling is pas mogelijk wanneer de prestaties effectief worden stopgezet. Je hebt de keuze om het aanvullend pensioen uitbetaald te krijgen in de vorm van een eenmalig kapitaal of in de vorm van een jaarlijkse levenslange rente.
Om het aanvullend pensioen uitbetaald te krijgen in rente moet de bruto jaarrente meer dan € 500 (geïndexeerd) bedragen.

Het aanvullend pensioen kan worden uitbetaald vanaf de eerste dag van de maand volgend op de dag dat je met wettelijk pensioen gaat (65 jaar) of wanneer je met vervroegd pensioen gaat (vanaf 60 jaar). Voor deze pensioenleeftijd kan er geen pensioenkapitaal worden uitbetaald.

Hier vind je een overzicht.

 

 

 

Hoe zit het met de fiscaliteit?

  • een Riziv-bijdrage van 3,55 % (op het totale kapitaal en de winstdeelnames);
  • een solidariteitsbijdrage die varieert van 0 % tot 2 %, afhankelijk van de hoogte van het pensioenkapitaal;
  • in de personenbelasting wordt het pensioenkapitaal (verminderd met de Riziv-inhouding en de solidariteitsbijdrage) belast aan een tarief van ofwel 20,19 %, 18,17 %, 16,66 %, ofwel 10,09 %;
  • de winstdeling wordt in de personenbelasting niet belast.

Bij de aangifte van de personenbelasting is er nog een gemeentebelasting verschuldigd die verschilt van gemeente tot gemeente. Je ontvangt een fiscale fiche het jaar nadat de uitbetaling plaatsvond.     

Bij een jaarlijkse levenslange rente komt er nog een kleine belasting bij. Die bedraagt jaarlijks 15 % van 3 % van het netto aanvullend pensioenkapitaal. Dat bedrag betaal je via de aangifte in de personenbelasting.

Tarieven bedrijfsvoorheffing voor uitkering vanaf 01/07/2013:

60 jaar | 20,19 % of 16,66 % (1)
61 jaar | 18,17 % of 16,66 % (1)
62 - 64 jaar | 16,66 %
65 jaar of ouder | 16,66 % of 10,09 % (2)

(1) Het 16,66 %-tarief is enkel van toepassing indien de uitkering gebeurt naar aanleiding van de pensionering.

(2) Het tarief van 10,09 % wordt toegekend zo men ononderbroken effectief actief was in de laatste drie jaar voordat de wettelijke pensioenleeftijd bereikt werd. Tijdens deze driejarige referteperiode kunnen bepaalde periodes van inactiviteit of verminderde activiteit echter gelijkgesteld worden. Voorbeelden hiervan: aangeslotene oefende zijn recht uit op 1/5e loopbaanvermindering of halftijds brugpensioen. Maar de periode van voltijds brugpensioen/werkloosheid met bedrijfstoeslag wordt niet gelijkgesteld. 

Wat gebeurt er bij uittreding uit de sector?

Met een ‘definitieve uittreding uit de sector’ bedoelen we:

  • je verlaat de sector en sluit geen nieuwe arbeidsovereenkomst, bv. wanneer je in dezelfde onderneming blijft maar een bediendenstatuut krijgt of als je naar een andere onderneming in de sector gaat maar met een interimcontract;
  • je verlaat de sector en sluit nadien wel een nieuwe arbeidsovereenkomst, maar met een werkgever die behoort tot een andere sector.

Indien je gedurende een al dan niet onderbroken periode van minimum 12 maanden (gelijkgesteld met een gemiddelde van 261 dagen) bij het sociaal sectoraal pensioenstelsel was aangesloten, dan heb je recht op het pensioenkapitaal. Dit betekent dat wat werd gestort, iemands eigendom is en blijft. Je kan vrij kiezen welke bestemming aan dit opgebouwd spaartegoed gegeven wordt: het behoud in het pensioenplan van de sector of de overdracht naar het pensioenplan van een nieuwe werkgever of sector of naar een organisatie die de bovenwettelijke pensioenen beheert (als je hierbij bent aangesloten).